Sommige lezers vroegen me: Wat bedoelt Sandel met ‘herstel van de waardigheid van alle arbeid’ (vorige blog, Iedereen is boos)? Als strategie om maatschappelijke wrok te verminderen, zou ik in navolging van Sandel inzetten op * Opwaardering van het praktische onderwijs, vmbo, praktijkonderwijs en middelbaar beroepsonderwijs. * Erkenning en loonsverhoging voor essentiële beroepen als schoonmakers, vuilnisophalers, stratenmakers, bouwvakkers, loodgieters, elektriciens, buschauffeurs. * Vergroting van autonomie in de beroepspraktijk van professionals als wijkverplegers, huisartsen, hulpverleners, ambtenaren sociale dienst, leerkrachten. * Erkenning en waardering voor mantelzorg en vrijwilligerswerk in sport, cultuur en welzijn. Politiek betekent ook kiezen. De kosten voor het immaterieel en materieel belonen van de waardigheid van de arbeid worden betaald uit de opbrengst van belastingverhoging op vermogens die niet door arbeid zijn verworven (zoals belegging, overwinst, speculatie, erfenis). Om Erasmus te citeren, die meer waardering had voor boekdrukkers dan voor geestelijken “Er schuilt vaak veel wijsheid in de woorden van een groenteman”.