Erasmus zou nu een zwevende kiezer zijn geweest. Hij wilde principieel geen partij kiezen, wel altijd zijn stem uitbrengen. Citaat: „Nooit heb ik mij bij enige partij aangesloten en zelf heb ik geen enkele partij om mij heen verzameld.” Erasmus schrijft dit aan de grootkanselier van Karel V in 1526. Erasmus was bepaald geen partijman. Het verschijnsel van de zwevende kiezer kun je zien als een kwestie van ontvoogding. Vijftig jaar geleden was de trouw aan de partij van de eigen zuil een automatisme. Een katholieke jongen zou nooit op de ARP (voor jonge lezers: =anti revolutionaire partij) stemmen; een gereformeerde jongen nooit op de KVP (= katholieke volkspartij). Daar hoefde je niet over na te denken. Nu denkt de kiezer na, wikt en weegt. Dat is vooruitgang, dat is democratie.

Erasmus zou ook nooit een stemadvies hebben gegeven. Iedereen moest zelf zijn verstand gebruiken, onderzoeken, afwegingen maken. Dat was de boodschap van Erasmus. Waarschijnlijk zou hij twijfelen tussen een stem op de C van CDA/CU, maar is het Franciscus gehalte van deze christelijke partijen wel hoog genoeg? Of een stem op D66, vanwege de nadruk op het onderwijs; maar schurkt D66 niet te veel aan tegen de gevestigde orde ? Of een stem op PvdA/ GL/ SP vanwege de emancipatie van het volk, maar nemen de linksen voldoende afstand van de consumptiemaatschappij? Of toch de Dierenpartij vanwege de keuze voor de kwetsbaren, maar is die partij niet te sektarisch? Hij zou de zorg van PVV en VVD over het fundamentalisme in de Islam delen, maar nooit stemmen op een partij van „minder,minder” of „pleurt op”. Erasmus vond dat de christelijke elite in zijn tijd eigenlijk geen haar beter was dan de gevreesde moslims.

In Nederland kunnen we binnenkort kiezen tussen 28 partijen. Meer dan ooit. Is het erg die versplintering ? Ik denk van niet. De kiezers maken zich los van de politieke partijen. Er komen meer volksvertegenwoordigers met voorkeursstemmen in de Tweede kamer, met een eigen mandaat. Zou niet elke volksvertegenwoordiger een mandaat moeten ophalen bij de verkiezingen, in plaats van op de bagagedrager van een stemmentrekker binnen te komen? Wat een verrijking voor de democratie zou het zijn, wanneer de gekozen volksvertegenwoordigers zich losmaken van elke fractiediscipline. Die fractiediscipline ondermijnt het open debat. Uitsluitend vrije kwesties. Laat het argument de doorslag geven, niet de machtspositie of de oppositie. Volksvertegenwoordigers functioneren dan „zonder last of ruggespraak”, zoals het eigenlijk hoort. We geven aan 150 medeburgers bij de verkiezingen het vertrouwen om vier jaar lang namens ons de regering te controleren en ons belastinggeld goed te besteden. Lang leve de zwevende kiezer en de volksvertegenwoordiger met een eigen kompas.

Gerard de Kleijn, 1 maart 2017