Erasmus schreef en ontving tijdens zijn leven duizenden brieven, in het Latijn. Onlangs is het dertiende deel van de Nederlandse vertaling van deze brieven verschenen (uitgever Ad. Donker). Dit deel bevat een prachtige brief van de schrijver Erasmus over de dood van de boekdrukker Johann Froben. Schrijver en drukker hadden een innige band. Froben had zijn jongste zoon zelfs naar Erasmus vernoemd :”Erasmius”. Toen Johann Froben in 1527 onverwacht overleed na een val in zijn werkplaats, kon Erasmus zijn verdriet over de dood van zijn vriend niet verkroppen.

Erasmus is op dat moment 61 jaar en schrijft enige tijd later aan penfriend Jan van Heemskerk, monnik in Leuven: “Ik heb gemerkt dat ik mezelf nog niet genoeg ken. Ik dacht dat ik door de lessen van de filosofie voldoende voorbereid was op dit soort gebeurtenissen. Wat een strijd woedde er in mijn binnenste! Waar is nu ( zei ik) die geschoolde spreker, die altijd klaarstaat om met prachtige bewoordingen andermans verdriet te verdrijven? Waar is die stoïsche filosoof die alle menselijke emoties eronder heeft? De tijd, die zelfs de pijnlijkste wonden pleegt te helen, verzachtte mijn verdriet niet, integendeel, de smart nam beetje bij beetje toe.”

Het is een aangrijpende brief, één van in totaal 3141 brieven. Erasmus is ook maar een mens. Wie deel 13 wil inzien, kan terecht in de Erasmuskamer van Museum Gouda.

Gerard de Kleijn